0. Algemene dekkingsmiddelen

    Omschrijving van het beleidsveld

    In dit onderdeel worden de middelen (baten/lasten) weergegeven met een algemeen karakter, zoals voorgeschreven in het BBV. Deze dienen namelijk buiten de beleidsvelden/programma’s te worden gehouden. Hiervoor is het administratieve beleidsveld 0 gecreëerd. Naast de algemene dekkingsmiddelen en eventueel direct daarmee verband houdende uitgavenbudgetten, staan hier ook de post onvoorzien, de mutaties in de reserves (m.u.v. afval en riool), posten die te maken hebben met btw en kapitaallasten alsook de saldi van de kostenplaatsen.


    0. Algemene dekkingsmiddelen

    A. Algemeen

    Onderscheiden deelterreinen

    Algemene heffingen; Algemene uitkering; Deelnemingen; Bedrijfsvoering; Mutaties reserves

    Portefeuillehouder(s)

    • D. Schneider (financiën)

    Beleidskaders

    • Financiële verordening (art. 212 Gemeentewet)
    • Nota Reserves en Voorzieningen

    0. Algemene dekkingsmiddelen

    B. Programma en paragrafen

    Dit beleidsveld heeft een relatie met programma 1A en met de paragraaf Lokale heffingen. Aangezien de meeste reserves administratief in dit beleidsveld zijn ondergebracht, zijn er voorts relaties met diverse andere programma's. In het overzicht van de reserves is e.e.a. nader aangegeven.


    0. Algemene dekkingsmiddelen

    C. Vermeldenswaardige zaken

    Lokale heffingen
    Bij lokale heffingen treffen we die heffingen aan, waarvan de besteding niet gebonden is. Dit betreft de onroerendezaakbelasting, hondenbelasting, reclamebelasting, precariorechten en toeristenbelasting. Ten aanzien van de besteding van de reclamebelasting zijn overigens specifieke afspraken gemaakt. Tevens zijn hier opgenomen de kosten die direct verband houden met deze opbrengsten, zoals bijvoorbeeld de bijdrage aan de BsGW. In totaliteit ging het in 2016 om een bedrag van € 10,8 mln aan opbrengsten uit "algemene dekkingsmiddelen", waarvan € 10,1 mln aan OZB.
    Lokale heffingen, waarvan de besteding wel gebonden is, bijv. afvalstoffenheffingen, rioolheffing en diverse leges, worden op de desbetreffende beleidsvelden verantwoord.
    Voor een overzicht van de opbrengsten van de belangrijkste heffingen en beleidsvelden waarin deze zijn opgenomen, wordt verwezen naar de paragraaf Lokale heffingen in deze jaarrekening en naar de jaarlijkse Tarievennota.  

    Algemene uitkering
    De primair geraamde opbrengst 2016 (peil VJN2015) bedroeg € 49,9 mln plus € 51,2 sociaal domein. Er is uiteindelijk ruim € 53,5 algemene uitkering regulier en € 49,6 mln aan integratie-uitkering sociaal domein gerealiseerd. Dit is de resultante van de financiële vertaling van de rijksmaatregelen voor de jaarschijf 2016 zoals verwoord in de diverse circulaires alsook de gebruikelijke overige ontwikkelingen aan de uitkeringsbasis van de onderscheiden verdeelmaatstaven en afrekeningen oude jaren per jaareinde c.q. aan het begin van het nieuwe jaar.
    Voor wat betreft algemene uitkering regulier betreft dit: meicirc.'15 +€ 758.000 en suppletie-effect +€ 187.000, sep.circ'15 +€ 428.000, dec.circ'15 +€ 867.000 (incl. oude jaren), mei.circ'16 +€ 334.000, sep.circ'16 +€ 180.000, dec.circ'16 +€ 17.000 alsook afrekeningen oude jaren +€ 271.000; alsook extra middelen voor asielzoekers +€ 439.000 (sep.circ'16+dec.circ'16).
    Voor wat betreft de integratie-uitkering sociaal domein betreft dit: mei.circ'15 -/- € 2.444.000, sep.circ'15 -/- 155.000, dec.circ'15 +€ 25.000, mei.circ'16 +€ 1.028.000, sep.circ'16 +€ 2.000, dec.circ'16 +€ 0.

    Dividend e.d.
    In de paragraaf verbonden partijen worden de participaties van de gemeente Kerkrade vermeld, waarin de gemeente een bestuurlijk en/of financieel belang heeft.

    De totale opbrengst 2016 uit dividend e.d. is afgerond € 1,323 mln (incl. de terugontvangen ingehouden dividendbelasting). Het betreft hier conform de voorschriften overigens de dividenduitkeringen ontvangen in 2016 (vergadering van aandeelhouders) over het verslagjaar 2015 van de betreffende deelnemingen.Primair was geraamd een bedrag van € 759.000.

    De reguliere dividendopbrengsten onder algemene dekkingsmiddelen waren € 187.000 van de Bank Nederlandse Gemeenten en € 533.000 van Enexis. Per saldo was sprake van een tegenvaller van € 39.000 ten opzichte van de ramingen in de begroting (VJN2016).

    Verder was sprake van een liquidatiedividend van € 603.000 uit de opheffing van Parkeeraccommodaties Kerkrade BV en MFC d'r Pool BV, waarin de gemeente een belang van 100% had. De activiteiten zijn per 2016 voortgezet door de gemeente. Over de achtergronden daarvan bent u reeds eind 2015 geïnformeerd. Dit betrof het restvermogen van beide BV's na afronding van het formele traject van opheffing. De bedragen waren opgebouwd uit de resultaten van alle voorgaande jaren en o.a. bedoeld als buffer voor toekomstig onderhoud. Met het overnemen van de eigendommen zijn deze verplichtingen ook overgegaan naar de gemeente. Daarom zijn de bedragen toegevoegd aan de reserve gebouwen.

    De Waterleiding Maatschappij Limburg heeft zoals gebruikelijk geen dividend uitgekeerd.
    In april 2016 werd in de betreffende aandeelhoudersvergadering besloten om over te gaan tot een derde uitkering uit de garantiefondsen die destijds bij de verkoop van de aandelen Essent aan RWE waren ingericht. Dit betekende voor Kerkrade een meevaller van € 0,43 mln (VJN2016).

    Verder is van Rd4 nog € 43.000 aan dividend ontvangen (beleidsveld 3). Dit dividend wordt steeds betrokken bij de budgettair neutrale verwerking van het product "afval".

    Saldo financieringsfunctie
    De rentekosten over de langlopende leningen waren in 2016 € 3,0 mln. In maart 2016 is een nieuwe vaste geldlening aangegaan van € 10 mln, mede in relatie tot de kasgeldlimiet. De overige rente gaf per saldo een kleine opbrengst van € 2.000. De jaarlijkse rentebaten van de zgn. “bruglening Enexis” worden in de financiering meegenomen. In 2016 betrof dit een bedrag van € 193.000. Dit bedrag neemt af naarmate de bruglening wordt afgelost, de laatste aflossing vindt in 2019 plaats. Hiermee wordt rekening gehouden in de begroting. Voorts is in 2016 nog een extra rente-inkomst van € 281.000 uit de kredietfaciliteit verleend in verband met de ontwikkeling van het centrumplan (zie ook raad mei 2015 herijkte gebiedsexploitatie). Zie verder ook § 4. “Financieringsparagraaf”.

    De kapitaallasten worden volledig doorberekend aan de diverse beleidsvelden. Aan de investeringen is per 1 januari 2016 het gemiddelde rentepercentage 2015 van 1,57% toegerekend. Per 1 januari 2017 zal het gemiddelde rentepercentage 2016 van 1,35% worden toegerekend. De afschrijvingen/aflossingen bedroegen in 2016 in totaliteit € 17,6 mln. Dit was extra hoog, met name als gevolg van aflossing bruglening tranche C Enexis (€ 2,39 mln; systematiek structurele compensatie gemis dividend Essent destijds), investering gemeentewerf Hammolenweg t.l.v. reserve structuurfonds (VJN2015, € 1,9 mln), kosten buitenring i.r.t. inzet reserve buitenring (VJN16, € 5,72 mln) en vervroegde aflossing leningen woningbouw door HEEMwonen (€ 0,2 mln).

    BTW / BTW-Compensatiefonds en Wet vennootschapsbelasting overheidsbedrijven.
    Over 2016 is een bedrag van € 6,0 mln aan compensabele btw gedeclareerd bij de Belastingdienst. Wordt er landelijk méér compensabele btw gedeclareerd dan het plafond, gaat dit ten koste van het gemeentefonds. Wordt er minder gedeclareerd, komt dit ten gunste van het gemeentefonds.

    Als gevolg van wetswijzigingen zijn gemeenten voor bepaalde beleidsterreinen mogelijk vennootschapsbelasting verschuldigd. In het bijzonder daar waar zij activiteiten ontplooien met een ondernemingskarakter en dus in concurrentie (zouden kunnen) treden met private partijen. Over het jaar 2016 is dit voor het eerst van toepassing. De gevolgen voor Kerkrade zijn vooralsnog beperkt. In 2016 is met de inzichten bij het opmaken van de jaarrekening per saldo nog geen vennootschapsbelasting verschuldigd.

    Mutaties reserves
    In totaliteit is in 2016 € 13,7 mln gestort in reserves en € 20,5 mln onttrokken. Dit is inclusief het rekeningresultaat 2015 (€ 2,757 mln) dat in de loop van 2016 gestort is in de reserve parkeerfonds.

    De noemenswaardige c.q. bijzondere posten in 2016 betreffen:

    Bij de jaarafsluiting diende in verband met het resultaat op de diverse producten sociaal domein per saldo in 2016 een bedrag van € 3,1 mln te worden onttrokken aan de 'reserve sociaal domein'. Een bedrag van € 0,3 mln is toegevoegd.

    De verkoopopbrengst van gronden tracé buitenring is gestort in de 'reserve buitenring'/voorheen: 'reserve kernagenda parkstad' (€ 1,0 mln), vervolgens is reeds in 2016 het totale bedrag van de reserve ingezet t.b.v. de reeds gemaakte kosten buitenring (€ 5,9 mln, zie ook VJN2016).

    Aan de reserve 'huisvestingsvoorzieningen onderwijs' is het jaarlijkse bedrag van € 2,2 mln toegevoegd. Ter bekostiging van de kapitaallasten van de in het verleden gedane investeringen is een bedrag van € 2,5 mln onttrokken.

    Diverse onttrekkingen reserve parkeerfonds exploitatie ivm "impulsen voor de stad" € 0,9 mln (VJN2016, het nog niet bestede bedrag ad € 1,2 mln is doorgeschoven naar 2017) en overige eerder besloten mutaties conform Najaarsnota 2016 € 1,0 mln (saldo-egalisatie, resultaatbestemming, parkeren en kansenwinkels), toevoeging € 0,433 mln in verband met vrijval garanties verkoop Essent (VJN2015) en meircirculaire 2015 jaarschijf 2016 (€ 0,758 mln).

    Aan de 'reserve reeds bestemde nog uit te geven middelen' zijn uit de betreffende budgetten (rest) bedragen toegevoegd t.b.v. lopende projecten, zoals bijvoorbeeld exploitatie Campus, inburgering statushouders, aanpak laaggeletterdheid, geluidsanering, bedrijfsvoering vjn2016, herontwikkeling atriumterrein/center court, armoedebeleid, herinrichting plein, project eenzaamheid.

    Aan de reserve Essent is een bedrag van € 2,39 mln onttrokken in relatie tot de aflossing van bruglening Enexis tranche C. Hier was reeds rekening mee gehouden in de begroting (systematiek structurele compensatie gemis dividend Essent destijds, afboeking diverse activa voor eenzelfde bedrag). De zgn. "vrije ruimte" blijft ongewijzigd.

    Aan de reserve structuurfonds is een bedrag van € 0,6 mln toegevoegd t.b.v. cultuurcluster Centrumplan (NJN2016). Verder diende ultimo 2016 v.w.b. project Heilust om verslaggevingstechnische redenen een bedrag van € 0,65 mln te worden omgeboekt van 'voorziening projecten' naar 'reserve structuurfonds'.

    Aan de reserve gebouwen is een bedrag van € 1,23 miljoen toegevoegd. Dit betreft met name uit de overheveling van de post "onderhoud strategisch vastgoed" uit structuurfonds € 0,4 mln (VJN2015) naar reserve gebouwen, de overheveling van de post "strategisch onderhoud vastgoed" uit reserve parkeerfonds
    € 0,2 mln (impulsen voor de stad/VJN2016) alsook de toevoeging uit het resultaat van de afwikkeling van de liquidatie van Parkeeraccommodaties Kerkrade BV en MFC d'r Pool BV € 0,6 mln.

    Zie verder ook de toelichting op de balans in het gedeelte "jaarrekening".

    Onvoorzien
    In de primaire begroting 2016 was voor ‘onvoorzien’ een bedrag opgenomen van € 228.000, waarvan
    € 91.000 over de sectoren is verdeeld, en het restant ad € 137.000 als “algemeen” is gelabeld. Er zijn diverse begrotingsbijstellingen geweest op deze posten.

    De belangrijkste mutaties ten laste van ‘onvoorzien’ waren € 38.700 t.b.v. inhuur personeel, € 23.000 compensatie subsidie Impuls, € 20,600 voor advisering, transport/straatreiniging € 16.000 en aanschaf iSeries/iBurgerzaken € 12.500.

     Meevallers ten gunste van onvoorzien waren er ook, m.n. € 23.000 degeneratievergoeding, en
    € 20.000 begraafplaatsen en groen.

    Voor het overige waren er nog diverse kleinere bijstellingen.

    In totaal is een bedrag van € 92.800 niet besteed en vrijgevallen ten gunste van het rekeningresultaat.

    Naast de post ‘onvoorzien’ is in het investeringsprogramma een jaarlijkse post ‘onvermijdbaar/algemeen’ van € 116.000 opgenomen. Niet bestede bedragen worden overgeheveld naar het volgende jaar. In 2016 is hiervan niets besteed, het bedrag is overgeheveld naar 2017.

    Overige algemene dekkingsmiddelen
    In totaliteit bedroeg de bespaarde rente op reserves en voorzieningen afgerond € 2,0 mln. Overigens vindt de financiering plaats op basis van gemeentebrede daadwerkelijke liquiditeitsbehoefte en –prognoses.

    Daarnaast ontvangen wij van Enexis jaarlijks een zogenaamde inconveniëntentoeslag. In 2015 bedroeg deze € 125.000 (beleidsveld 11).

    Behalve de reeds hiervoor genoemde zijn er geen noemenswaardige overige algemene dekkingsmiddelen.

    Indicatoren

    Er zijn voor dit beleidsveld geen (aanvullende) indicatoren gedefinieerd. Voor een uiteenzetting van de lokale lasten wordt verwezen naar de paragraaf Lokale heffingen.